zaterdag 29 januari 2011

Eerste dagen/nachten Down Under

Ok, waar was ik gebleven?

In Adelaide natuurlijk! Zalig zittend in de schaduw van een jong olijvenboompje en ik maak me zorgen! Grote zorgen! Even verderop hoor ik immers twee Nederlandse “meideuh” stiekem giechelen en fluisteren. Ben ik de aanleiding? Zijn mijn, werkelijk draconisch, aangezwollen okselvijvers een stille doch geurende oorzaak? Of lachen ze eerder met onze Engelse buurman die, met zijn ongetwijfeld zware katerkop, inmiddels een boompje is gaan opzoeken om in alle stilte zijn overdaad aan bier uit te kotsen? Zaken om over na te gaan denken. Ongetwijfeld! Maar ik ga te snel en zou beter beginnen bij het begin: Melbourne.

Onze eerste nachten brachten we door in Hotel Discovery. Een, in de Lonely Planet aangeprezen, mastodonthotel dat fier pronkte met zijn welluidende ondertitel “making a real difference” en geloof me, “they really did”! Het was gelegen in een, laat ons zeggen, “bedrijvige” buurt waar het betere boor en timmerwerk schering en inslag was. Een idyllisch plekje, misschien iets prijziger maar je kreeg nét dat tikkeltje meer. Zo omvatte de hotelservice ondermeer een nachtelijke “wake up-call” ons GRATIS aangeboden door de lokale motard, met een, laat ons zeggen, zware ademhaling. Verder zoefde de turbolift, met een duidelijk persoonlijkheidsprobleem, ons razendsnel naar het dakterras en konden we ’s morgens ten slotte heerlijk genieten van een zalig voorgekauwd ontbijtje.
Daarnaast bood ons liefelijk hotelletje ons nog een resem nevenactiviteiten aan waaronder spannende kakkerlakkenraces in de toiletten en raad het kakje en kwakje in de douches. Kortom: dé vakantieplek bij uitstek voor het ganse gezin en een welverdiende tweede plaats in mijn “gezellig-marginaal-overnachten-met-Johannes” top 10.

Een gezellige kamer in Cancun
(De ultieme topper der ranzige kamertjes blijft, werkelijk met ruime voorsprong, het charmante hok in Cancun (Mexico) waar ik, samen met Matthias, mijn eerste Mexicaanse nacht mocht doorbrengen. Fenomenale ervaring, allen daarheen!)

"Piemelaar Matt"
Toch trok deze plek in Melbourne heel wat mensen aan, waaronder ook Steve en Matt, beide afkomstig uit Connecticut (VSA). Vriendelijke gasten maar, in mijn ogen althans, echte Amerikanen pur sang. “Johannes, smeer je kuiten maar in voor een serietje ‘boeiende’ gesprekken”, dacht ik bij mezelf. Alles passeerde de revue: de superieure slagkracht van het glorieuze Amerikaanse leger, Steve’s, ongetwijfeld emotionele, band met zijn shotgun, Sarah’s “boobs” en last but not least de “Holy Bible”. Het olijke tweetal beleefde het leeuwendeel van hun avonturen dan ook in hun respectievelijke zweterige bedjes. Slapen, leuteren, het betere handwerk in de genitale zones,… Kortom: echte cultuur/natuurliefhebbers. 

Snel Sarah, we trekken de stad in!


Nu? Ja nu! 4 a.m., 5 a.m., 6 a.m., het maakte ons niets uit want die jet lag beleefden we wel! Slenteren langs de straten, wennen aan het ritme, wennen aan het idee om op reis te zijn, alles begon wel op zijn plooi te vallen.








Na een weekje Melbourne brak de Australian Open aan.



 Je weet wel, het eerste Grand Slam tornooi voor de meer ervaren tennissers onder ons. Ken ik iets van tennis? Nee jong, geen fluit. Laat er voor mijn part twee koala’s een dansje opvoeren en ik zit nog gefascineerd te gapen. Wat mij gewoon meer boeide, was de algemene sfeer die er in en rond die arena’s heerste. 
Voor 65 dollar konden we twee wedstrijden bekijken. Eerst nam Clijsters het op tegen Safina. We bereidden ons al mentaal voor op een leuke driesetter maar de flauwe trees deed natuurlijk net wat ze niet mocht doen, namelijk winnen met (6-0)(6-0). Je zou verdimme nog medelijden gaan krijgen met haar Russische uitdaagster. Vervolgens mochten Hewitt en Nalbandian aantreden. Kort samengevat: een fantastische wedstrijd! Bijna vijf uur lang vochten ze als twee honden om dat ene lekkere beentje (die derde was duidelijk de weg kwijtgeraakt). Gebrul, gejuich, getier,… wat een roes, zo leuk!

Een weekje passeerde, tijd voor verandering. Op naar Philip Island!

dinsdag 18 januari 2011

Cuz we’re in the business baby!

06.00 u, 12 januari. “Yess, eindelijk is het zover!!!”,dacht ik in mezelf toen ik me, na een weliswaar kort nachtje, moeizaam uitrekte in de zetel van mijn zus. “En duidelijk ook iets teveel  Duvels gedronken”, vertelde mijn bonkende kop.
Samen met Sarah vertrok ik die morgen richting Melbourne voor een 24 uur durende vlucht. Rechtstreekse verbindingen bestonden er duidelijk niet dus moesten we “noodgedwongen” een tussenlanding maken in het land van de kamelen en pyjamadragers zijnde Abu Dhabi (VAE). Graag had ik de schitterende pracht van deze kleine parel aan de Perzische Golf uitvoerig willen beschrijven: de eindeloze zandvlaktes, de diepblauwe zee, buikdanseressen die standaard te vinden zijn op iedere hoek van de straat,… Iets van gemerkt? Niets van Johannes. De wereld draaide rond en de nacht duidelijk ook. Dit nam echter niet weg dat ik toch iets kon merken van de lokale cultuur. Soms waande ik me werkelijk in een “duizend en één nachten” sprookje, waarin de gebronzeerde securityguards elkaar ieder moment in de haren konden vliegen met hun versgeslepen walkie talkies en iedere deur een “open sesame”-spraakcommando had. Groot was de teleurstelling natuurlijk wanneer er een monotoom “ping”-geluidje weerklonk. Mijn fantasie sloeg duidelijk wat op hol, hopelijk kon ik de volgende vlucht toch wat slaap meepikken.
Hoe klein dit stipje op de wereldkaart ook moge zijn, “kennis” van hollywoodvedetten hadden deze onderbroeklozen duidelijk wel. Sarah, het meiske kan er nu ook niets aan doen, heeft nu eenmaal een trek weg van Cameron Diaz, en dat was de lokale Ali Baba-cobelguard ook duidelijk niet ontgaan. “Cameron Diaz is in the house people” kraaide hij luid voor een honderdtal mensen. Ik: een brede grijns, Sarah: in no time zo rood als een rijp tomaatje. Weinig wisten we dat dit moment misschien nog in ons voordeel zou spelen.
Voordeel? Wel, twee uren later schoven we braafjes aan om een volgende vlucht te halen, meerbepaald een 13 uur durende hellerit richting Melbourne. Was de lokale beambte ook onder de indruk van onze look alike of vond hij mij gewoon een toffe knul? De echte reden waarom hij “economy class” op onze tickets doorkrabbelde en het in balpen verving door “business class” zullen we waarschijnlijk nooit weten. Ik geloofde er eerlijk gezegd dan ook geen fluit van dat dit zou slagen & stapte dan ook vrij onverschillig het toestel op.
“Seat 52A?”, “seat 41B?”, “seat 23D?”, … “SEAT 10D (de mijne)?” “Yess sir!”, “follow me sir!”, “hot towel sir?”, “glass of champagne sir?” “Fuuuuuuck, is dit echt?? Ik zit hier op de sjiekste vlucht van mijn leven met een vettig kopje haar en een pull waarin nog onmiskenbaar een stevige “kerstboomverbrandingsgeur” hangt. Ok, doe alsof je hier thuishoort Johannes! Trek je meest arrogante kopje van je leven, nip van die champagne alsof het de gewoonste zaak van de wereld maar doe er gewoon alles aan om in dit heerlijk vibrerend zeteltje te mogen blijven zitten!”
Business class? Ja, dat is wel mijn ding! Rechts van me genoot een sjeik van zijn glaasje whiskey on the rocks, links zag ik Sarah stevig klungelen met haar vers geperst wortelsapje. “You’ve spilled your juice? No problem”. Walkie talkies werden bovengehaald en een kleine twee minuutjes later kwam de cavalerie reeds aandraven met een verse zetelpamper. Keuze uit een 160tal films, spelletjes, muziek, telefoneren naar de grond,…alles was gewoon mogelijk in mijn kleine leefcapsule. “Hopelijk neemt hij een misse afslag”, dacht ik bij mezelf.
Een goeie 14 uur later raakten we de Australische grond. Rooddoorlopen oogjes, een strak buikje van teveel te eten, lichtelijk delirium van de (vele) glazen rum en zo slap als een drilpudding (ik had die nacht de rugmassage laten aanstaan) stapte ik, werkelijk, met pijn in het hart uit.
Melbourne by night! Druk, warm en bruisend. Er hing nog steeds wat regen in de lucht. Heerlijke geur. Vakantie!